Koude, warme en hete technieken

 Er bestaan drie soorten glasbewerkingstechnieken: koude, warme en hete technieken.

De koude technieken zijn bijvoorbeeld het snijden, slijpen, zagen, laseren, vergruizen van glas. Tiffany en Glas-in-lood zijn voorbeelden van koude technieken, zoals ook appliqué (een duur woord voor verlijmen).

Warme technieken zijn technieken die zich afspelen op ca 650 - 850 graden Celsius, zoals het glasfusen, brandschilderen en emailleren.

Hete glastechnieken zijn technieken waarbij ook echt geblazen kan worden. Temperturen liggen dan rond de 1050 - 1450 graden Celsius. Hier beschrijven we twee soorten glasblazen: glasblazen aan de blaaspijp en glasblazen aan de brander.