Emailleren, de vergeten glastechniek.

Een millennia oude glastechniek is de techniek van het emailleren: het smelten van speciaal glas op metaal of ander glas. Dat smelten kan in een oven of met een brander. Emaille is glaspoeder met bijzondere eigenschappen. Ten eerste zit er heel veel pigment in. Net zoals bij "gewoon" glas bestaat het in twee soorten: transparant en opaak, oftewel dekkend. Je kunt dus blauw emaille hebben waardoor je bijvoorbeeld het zilver heen kunt zien en een blauw waar je niet doorheen kunt kijken. Alleen op ijzer en staal kun je uitsluitend opaak emailleren. Dat heeft te maken met de hulpstoffen die nodig zijn om het glas met het ijzer te laten binden. Vaak wordt daarvoor kobalt gebruikt.

Emaille heeft niet alleen extra veel pigment, maar is ook afgestemd op het soort materiaal dat als basis gebruikt wordt: glas, ijzer, rvs, koper, zilver, of goud. Zo heeft emaille geschikt voor ijzer een heel andere krimp en uitzetting dan voor koper of zilver. Verder kunnen steunstoffen voor de binding en magnetisme verschillen. Emaille voor aluminium (vaak koud-emaille genoemd) wordt veel verkocht in hobbyzaken, maar is geen emaille: het is een kunststof. De reden daarvoor is simpel: het smeltpunt van aluminium (660 graden) ligt ver onder de temperatuur dat glas zover gesmolten is waarop het zich kan gaan hechten (rond de 740 graden). Dus nog lang voordat het glas gesmolten is, ligt het te emailleren aluminium gesmolten op de bodem van de oven. Voor "emailleren met een waxinelichtje" geldt hetzelfde: die temperatuur is niet hoog genoeg voor glas.

Zelf emailleren komt simpelweg neer op het heel goed reinigen van de metalen, het emaillepoeder droog of nat opbrengen, en vervolgens inbranden op temperaturen van tussen de 740 en 940 graden. Zo uitgelegd lijkt het een eenvoudige techniek. Echter de gevoeligheid van het emaille voor kleine verschillen in temperatuur of brandtijden, reacties van de verschillende kleuren emailles op elkaar, de gevoeligheid van emaille voor kleine verontreinigen, en kleine wijzigingen in smelttemperatuur, maakt dat deze techniek tot de meer ingewikkelde ambachten behoort.

Wil je zelf thuis experimenteren, hou er dan rekening mee dat er twee soorten emailles zijn die je altijd uit elkaar moet houden: loodhoudende en loodvrije emailles laten zich niet combineren. Breuk en het loslaten van het emaille is vaak het resultaat van het combineren van deze twee soorten. Je kunt dus goed twee verschillende merken combineren, mits ze beide of loodvrij, of loodhoudend zijn.

Er zijn verschillende technieken, elk voor een geheel eigen effect. Hieronder zijn ze kort uitgelegd:

Droge poeder techniek

Het emaille wordt door een zeef over het goed schoongemaakte koper (of ander metaal) gestrooid, net zoals poedersuiker over de taart. Door met malletjes (bijvoorbeeld van papier) te werken, die je na het poederen weghaalt, kun je een afbeelding maken.

Natte techniek

Het emaille wordt nat (water) en eventueel met een organisch bindmiddel met een kwastje of een spatel opgebracht.

Schilderemaille (Limoges, zie de vis hieronder)

Er zijn veel verschillende schildertechnieken, waarbij er soms gewerkt wordt met zeer fijngemalen emaille, en soms met uitsluitend pigmenten. De Limoges schildertechnieken, waarbij zeer realistische afbeeldingen gemaakt kunnen worden, zijn gebaseerd op pigmenten zoals die ook voor porselein gebruikt worden. Sommige werken gaan wel 30 maal in de oven.

Door gewoon emaille te mengen met acrylmedium en een beetje zuiver water kan heel betaalbaar zelf "emailleverf" worden gemaakt, die op dezelfde manier gestookt kan worden als je gewone emaille.

Grisaille (Camaieu)

Door uitsluitend zwart en wit te gebruiken kunnen grisailles gemaakt worden: op een voorgebrande zwarte achtergrond wordt een zeer kleine druppel met fijnkorrelige witte emaille aangebracht. Met een speld wordt deze witte emaille dikker en dunner geschoven zodat een 3D-lijkende afbeelding ontstaat.

Cloisonné (zie "mindless dance" hieronder)

Cloisons zijn "muurtjes" van koper- of zilverdraad, de lijnen van een tekening. De draden kunnen worden ingesmolten (in plat werk) of eerst worden vast gesoldeerd met speciale (tinvrije) soldeer. Als een kleurplaat worden de ruimtes tussen de draden gevuld met natte emaille.

Vensteremaille (plique-à-jour)

Vensteremaille laat zich het beste omschrijven als miniatuur glas-in-lood, waarbij het lood bestaat uit zilver. De uitgezaagde gaatjes uit een zilverplaatje worden gevuld met nat emaille, gedroogd en voorzichtig gesmolten. Door dit een aantal malen te herhalen krijg je transparante stukjes glas omlijnd met zilver

Champlevé

Door dik koper of zilver uit te steken of uit te bijten met zuur (diepe ets) krijg je een afbeelding met opstaande randen. De holtes opgevuld met natte emaille geven een heel bijzonder effect.

Sgraffito

Dit werkt net zoals vroeger op de kleuterschool, toen je gelaagde tekeningen met vetkrijt maakte: over voorgebrande kleurrijke emailles wordt een zwarte laag, nat of droog, aangebracht. Daarin wordt met een kwastje, kroontjespen of stokje een tekening gemaakt alvorens ook deze laag te versmelten.

Guilloche

Handmatig of machinaal graveren van het koper of (bij voorkeur) zilver geeft met transparant emaille veel diepte en structuur. Een favoriete techniek in de jaren 1930.

Stencils/transfers

Prefab gemaakte stencils, handbeschilderde stencils of stencils uit sommige laserprinters maken het mogelijk om grafische of figuratieve afbeeldingen te maken.

Zeefdrukken

Pigmenten of zeer fijngemalen emaille met bindmiddel kun je op een voorgeëmailleerde plaat zeefdrukken en inbranden. Zo werden veel traditionele reclame-uitingen gemaakt.