Glasblazen aan de brander: flameworking of lampworking

Glasblazen aan de brander geeft ongekende mogelijkheden om glas vorm te geven: van kraal en knikker tot levensgrote beelden. Het mooie is, je hebt niet veel meer nodig dan een leegstaand schuurtje of logeerkamer om je eigen studio op te zetten. 

Glasblazen aan de brander wordt ook wel flameworking of lampworking genoemd. Glas is een hele slechte warmte geleider, en dat is goed nieuws! Het betekent dat een korte glazen staaf aan de ene kant 1200 graden Celsius kan zijn, terwijl de andere kant gewoon op kamertemperatuur is. Je kunt dus een staafje glas (vaak 6 tot 12 mm dik, voor labglas soms dikker) of een glazen buis van 30 centimeter nemen, het puntje voorzichtig opwarmen, en met het puntje een bolletje draaien. Dat bolletje kun je om een mandrel (een RVS staafje met losmiddel) draaien, en dan krijg je een kraal. Je kunt het bolletje ook gaan vormen met gereedschap. Bijvoorbeeld, pletten tot een lollievorm, warm maken, en trekken met een pincet en je hebt een bloemblad. Twee bolletjes op elkaar, en je hebt het begin van een sneeuwpop.

Aan de brander kun je dus goed "kleien" met glas. Alle kleuren van de regenboog zijn te koop, en omdat je niet (of niet perse) met een blaaspijp werkt, zit je niet vast aan de ronde begin vorm. Zo'n beetje alle vormen kunnen aan de brander gemaakt worden.

Aan de brander kun je ook blazen: net zoals je aan de blaaspijp massief (dus niet geblazen) en hol (dus geblazen) werk kunt maken, kun je dat aan de brander ook. Je kunt een miniatuur blaaspijpje nemen en daarmee aan de gang gaan, maar gebruikelijker is te blazen met een glazen buis. Op deze manier kunnen laboratoriumbenodigdheden en kleine gebruiksvoorwerpen worden gemaakt zoals (wijn)glazen, kandelaars, kerstballen, etc.

Hieronder drie youtube filmpjes waarin de techniek kort gedemonstreerd wordt: